|
La letter de l’environnement
The Dutch Financial Times
Telegraaf
Altran Foundation
Optics.org
Technologie Krant
Energieportal
Press & news | The Dutch Financial Times
The Dutch Financial Times, 24th of April 2007Integrale text:Publicatiedatum: 24-4-2007 Zon, zand en goedkope elektriciteit Gevangen zonlicht beter vast weten te houden Een coating moet dure zonnecellen efficiënter maken. Zonnecellen zijn nog te duur om te concurreren tegen de huidige elektriciteitsprijs. Cees Bastiaansen van Maxxun probeert zonne-energie aantrekkelijk te benutten door klein te houden wat duur is. 'Het uitgangspunt is eenvoudig', zegt Bastiaansen, verbonden aan de Technische Universiteit Eindhoven. 'Om zonne-energie economisch aantrekkelijk te krijgen maak je dure elementen klein en schaal je de goedkope onderdelen op.' In dit geval betekent dit dat er gewerkt wordt met kleine, want dure zonnecellen en grote, relatief goedkope kunststofplaten die zonlicht opvangen en vervolgens transporteren naar de zonnecel. Om zo veel mogelijk opgevangen zonlicht vast te houden, gebruikt het Maxxun-project een systeem gebaseerd op 'Luminescent Solar Concentrator' (LSC) Technologie. Daarbij wordt gebruikgemaakt van fluorescentie om licht in de kunststofplaten te vangen. Bovendien worden er speciale coatings gebruikt om het licht in de plaat te houden en zo efficiënt mogelijk naar de zonnecel te transporteren. Zonder laag en coating bereikt 20% van het ontvangen zonlicht de zonnecel. Met deze laag kan volgens de ontwikkelaars een dubbele hoeveelheid zonlicht behouden blijven. De innovatieve kracht van technologie achter de zonnepanelen van Maxxum wordt onderkend in de markt. Het bedrijf won afgelopen jaar de innovatieprijs van consultant Altran en krijgt als beloning een jaar lang hulp bij het opschalen van het zonnesysteem. Dat moet het procedé binnen afzienbare tijd marktrijp maken. Bastiaansen: 'Wij verwachten binnen drie jaar een beslissing te nemen over productie en verkoop van systemen.' Toepassingen zon Water wordt verwarmd door zonneboilers (oftewel zonnecollectoren) Fotovoltaïsche cellen zetten straling om in elektriciteit Spiegelparken produceren grote hoeveelheden zonnestroom In zonnetorens wordt heteluchtstroom gevangen door windturbines Flexibele, dunne zonnecel in plaats van panelen Zonnefolie geschikt voor zwakke ondergrond. Lichtere zonnecellen, een flexibele ondergrond en een goedkoper productieproces. De zonnefolie van Helianthos moet een goedkoop alternatief bieden voor de huidige generatie kostbare zonnepanelen. De folie wordt gemaakt in de vorm van filmrollen. Daartoe worden fasegewijs elektroden, siliciumlagen en kunststof op grote rollen aluminium gedampt. Het resultaat is een rol 'dunne' zonnecellen van niet meer dan één millimeter dik. De dunne vellen folie die door deze zogenoemde roll-to-roll-fabricage ontstaan zijn flexibel en veel lichter dan zonnepanelen. Waar een zonnepaneel op een glasplaat tot 25 kg per vierkante meter weegt, belast de folie de ondergrond met maximaal 1 kg per vierkante meter. Het maakt de zonnefolie geschikt voor vele - ook zwakkere - ondergronden. Het is dan ook de bedoeling om de folie breed toepasbaar te maken. Zo kan ze gebruikt worden als voeding van mobiele telefoons, maar ook om de airconditioning van auto's te laten draaien of om in daken en gevels te worden verwerkt als energievoorziening van gebouwen. Flexibiliteit is niet de enige reden om te kiezen voor dunne zonnecellen. Het is ook een manier om zo weinig mogelijk zuiver silicium te gebruiken. Deze grondstof voor zonnecellen is duur, ook al omdat de sector concurrentie ondervindt van de chipindustrie, waarin silicium eveneens een belangrijke grondstof is. Naast brede toepasbaarheid moet de productie van dunne, flexibele zonnefolie goedkoper kunnen uitvallen door de fabricage met rollen tegelijk. Tegenover de voordelen van zonnefolie staat dat de lichtopbrengst lager is dan die van de conventionele elektriciteitsvormen. Het concept wordt dan ook nog doorontwikkeld om tot een hogere lichtopbrengst te komen. Dat gebeurt onder de vlag van energiebedrijf Nuon, dat het Helianthos-project als zijn paradepaardje op het gebied van zonne-energie ziet. 'We geloven erin dat zonnefolie op termijn prijstechnisch kan concurreren met fossiele brandstoffen', laat een Nuon-voorlichter weten. Het bedrijf nam de ontwikkeling van de folie vorig jaar over van Akzo. Uiteindelijk moet het product in 2009 op de markt komen. Spiegeltje spiegeltje in de Afrikaanse woestijn... Woestijnzon biedt oplossing voor energiecrisis. Veruit de meest veelbelovende technologie voor het opwekken van zonne-energie is het grootschalig opvangen van zonnestraling met spiegels in 'solar farms'. Dat stelt Evert du Marchie van Voorthuysen. De Groningse hoogleraar heeft zich sinds zijn pensioen gestort op de zogenaamde CSP-techniek: Concentrating Solar Power. CSP is gebaseerd op kilometers lange rijen spiegels in gebieden waar de zon altijd schijnt. De spiegels zijn gekromd, waardoor de zonnestralen worden gebundeld en er in het brandpunt een enorme hitte ontstaat. De verzamelde warmte wordt via een buizensysteem met hittebestendige olie naar een stoomgenerator gevoerd, die er elektriciteit van maakt. Du Marchie van Voorthuysen richtte 2,5 jaar geleden de Stichting ter bevordering van Grootschalige Exploitatie van Zonne-Energie (Gezen) op om de spiegeltechnologie op de Nederlandse beleidsagenda krijgen. Veel gehoor heeft de eenzame CSP-voorvechter vooralsnog niet gekregen. 'De ellende is dat deze technologie niet op Nederlands grondgebied toegepast kan worden, en dan sluiten alle deuren.' Maar de hoogleraar laat het er niet bij zitten. Hij is inmiddels erg druk met het opzetten van een nieuw bedrijf, dat SolaQ moet gaan heten. Met een startkapitaal van euro 25 mln wil Du Marchie van Voorthuysen een grootschalig spiegelpark op de Nederlandse Antillen bouwen. Een nieuwe multinational in de dop, meent hij. Vooralsnog wordt CSP niet gezien als veelbelovende techniek in de energietransitie. Initiatieven kunnen zelden rekenen op overheidssteun. In Europa werd in het vijfde kaderprogramma (2005) nog een 11 megawatt zonnetoren in Sanlucar la Mayor, 25 km ten westen van Sevilla (Spanje) gesubsidieerd. Op 30 maart 2007 werd deze in gebruik gesteld door de Europese energiecommissaris Andris Piebalgs. Stroom van deze centrale kost ongeveer euro 0,20 per kilowattuur, kosten die in 2020 moeten zijn afgenomen tot zo'n euro 0,4,5 per kWh (ter vergelijking: conventionele stroom kost euro 0,20 per kWh). Wetenschappers van het German Aerospace Centre stellen dat met het bedekken van 0,5% van de hete woestijnen op aarde met spiegelparken voorzien kan worden in de wereldwijde vraag naar stroom. Copyright (c) 2007 Het Financieele Dagblad
|